Nieuws: #feitoffabel – de zorgkosten in beeldterug naar nieuws

Zorg

Mark Rutte (VVD) en Diederik Samsom (PvdA) hebben hun plannen bijgesteld: er wordt toch geen inkomensafhankelijke zorgpremie ingevoerd. Maar hoe wordt de zorg eigenlijk wel gefinancierd? En wat gaat het kabinet doen aan de stijgende zorgkosten? Tijd om de feiten over de financiering van de zorg op een rij te zetten.

Ontwikkeling zorgkosten
In 2011 waren de totale zorguitgaven op basis van de zorgrekeningen van het CBS 90 miljard euro. In 2000 was dit nog 59 miljard euro (prijsniveau 2011). Een stijging van 52 % dus. Van die 90 miljard wordt 83% collectief gefinancierd, zie verderop voor uitleg.

De Algemene Rekenkamer houdt bij of de collectieve zorguitgaven (dit is niet de 90 miljard) de afgesproken norm (Budgettair Kader Zorg) niet overschrijden. Sinds 2002 is dit slechts een keer (2007) niet gebeurd, alle andere jaren kennen overschrijdingen van rond de 2 à 3 procent.

Hoe wordt geld besteed?
In 2011 ging er van die 90 miljard 53 miljard naar gezondheidszorg, 34 miljard naar welzijnszorg en 3 miljard naar beleids- en beheerorganisaties (bijvoorbeeld het RIVM). Binnen de welzijnszorg gaat het grootste deel (47%) naar ouderenzorg en binnen de gezondheidszorg gaat het grootste deel (45%) naar medisch-specialistische (ziekenhuis) zorg. Uitzonderingen daargelaten kan worden gesteld dat de gezondheidszorg wordt gefinancierd vanuit de ZVW en de welzijnszorg vanuit de AWBZ.

Hoe betalen we de zorg nu?
De totale uitgaven (2011) volgens de zorgrekeningen worden als volgt gefinancierd:

Het grootste deel van de zorgkosten wordt dus gefinancierd uit zorgpremies. De ZVW-premie is nog op te delen in een nominale premie en een inkomensafhankelijke premie. De nominale premie is de premie die door iedereen aan de zorgverzekeraar wordt betaald. De inkomensafhankelijke ZVW premie wordt via het loonstrookje betaald. In totaal wordt zoals uit de grafiek duidelijk wordt 83% van de zorg collectief gefinancierd.

Om te kijken hoe de ZWV-premie is opgedeeld kijken we naar het Budgettair Kader Zorg (BKZ) van het ministerie van VWS. De afgelopen jaren ligt de verhouding op 55% inkomens afhankelijk en 45% nominaal (heeft met wettelijke norm te maken). Dit betekent dat in 2011 20,4 mld van de ZVW-premie inkomensafhankelijk was en 16,4 mld nominaal.

Wat gaat er veranderen?
Het nieuwe kabinet hervormt de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) in combinatie met een bezuiniging. Een deel van de AWBZ wordt overgeheveld naar de WMO en de ZVW. Thuiszorg gaat naar de WMO, in totaal wordt hier 2,8 miljard bezuinigd (schrappen huishoudelijke hulp voor midden en hoge inkomens en schrappen ‘functie dagbesteding’ en beperking ‘persoonlijke verzorging’).

Het kabinet wil door middel van afspraken met de sector de curatieve zorg de volumegroei jaarlijks tot twee procent (ipv huidige 2.5%) beperken. Het CPB is kritisch over het instrument (het macrobeheersingsinstrument) om deze beperking te bewerkstelligen, maar gaat toch uit van een besparing van 1,2 mld.

Er wordt dus wel degelijk op de zorg bezuinigd, maar dit gebeurt met name op de zorg gefinancierd door de AWBZ en minder op zorg gefinancierd door de veelbesproken ZVW. In het kort: er wordt vooral bezuinigd op care en de huidige discussie gaat over de financiering van cure.

Bronnen
The Fact Club – fact report Verkiezingen
CBS Stat;ine: Zorgrekeningen
Rijksbegroting 2012: Financieel beeld zorg
Rijksbegroting 2011: Financieel beeld zorg

 

Meer nieuws & #feitoffabel